Omdat Facebook op een gegeven moment in een klaagmuur leek te veranderen, ben ik op 12 januari 2011 begonnen met een Vrolijkheidsoffensief. Elke dag postte ik iets vrolijks op Facebook, gedurende 100 dagen. Hierna werd het tijd voor iets anders, en zodoende startte ik met elke dag een kort stukje over kunst. Dit heb ik tot #042 volgehouden van 22 april tot 25 juni 2011. Toen moest ik toch echt afstuderen. Hier per 5 stuks mijn Vrolijkheidsoffensief Kunst.
#006: Speciaal voor een vriendin (naam gewijzigd, red): de kikkertafel van Miriam van der Lubbe. Ik zag hem een paar jaar geleden bij Droog Design, het collectief voor ‘droge’ toegepaste kunst dat gevestigd is in Amsterdam. Deze tafel is geïnspireerd op een oud Indonesisch verhaal over een kikkerprins die een transformatie ondergaat. Deze tafel verbeeldt die transformatie: als je over de tafel heen kijkt kan je zijn hele ontwikkeling volgen. Een deel van de tafel heeft alleen ingekerfde lijnen, en een deel heeft een behoorlijk reliëf, waarin soms zelfs gaten zitten. Het is door van der Lubbe ontworpen, maar grotendeels- toepasselijk – in Indonesië uitgevoerd. Een extra laag hierbij is dat Indonesië nog steeds bekend staat als land waar je alles spotgoedkoop kan laten produceren, en deze tafel laat het tegenovergestelde zien. Het is one-of-a-kind, en vakmanschap in plaats van productiewerk. Helaas kan ik het jaar waarin het gemaakt is, en de titel niet vinden, wie het weet mag het zeggen.
#007: Ik hou van René Magritte. Hij doet precies wat ik doe in mijn opleiding: hij maakt onderscheid tussen de werkelijkheid en de representatie van de werkelijkheid. Met ‘ceci n’est pas une pipe’ wees hij ons op het feit dat wat we zien op het schilderij geen pijp is, maar dat het gewoon een schilderij is met verf. Hier doet hij hetzelfde. In dit kunstwerk uit 1928, genaamd ‘Attempting the Impossible’, doet hij hetzelfde. Door de schilder af te beelden die in dezelfde ‘werkelijkheid’ een vrouw schildert ben je als kijker gedwongen om na te denken: zijn ze beide echt of juist nep? Je komt in een knoop van werkelijkheid en onwerkelijkheid terecht waar je niet meer uit komt, tenzij je accepteert dat het gewoon een schilderij met verf is.
Magritte wordt gezien als een surrealist, maar die term is misleidend: waar bijvoorbeeld de surrealist Dalí ook echt het onwerkelijke verbeeldde, weet Magritte juist onze aandacht naar de werkelijkheid te trekken.
#008: Wat ik goed vind van Rembrandt zijn zijn Bijbelse schilderijen. In tegenstelling tot zijn beroemde Nachtwacht (1642), dat gewoon een groepsportret is, zijn deze werken namelijk niet statisch, maar heel dynamisch opgezet. In dit schilderij zien we het verhaal van Abraham en Isaac: God stelt Abraham op de proef, en vertelt hem dat hij zijn vertrouwen in God moet bewijzen door zijn zoon Isaac te offeren. Abraham doet dit, en net op het moment dat hij het mes op de keel zet, komt er een engel die hem verhindert. In plaats van Isaac wordt er een geit geofferd. Het is een populair verhaal in de kunstgeschiedenis, maar dit werk van Rembrandt (1634) springt eruit: je ziet hoe Abraham het gezicht van zijn zoon bedekt, hoe de engel net op tijd zijn hand wegtrekt en het mes valt. Het is één snelle beweging.
Rembrandt leefde in de Barok, en gelukkig hield dat in Nederland niet in dat er veel vlezige mensen in wapperende gewaden op schilderijen moesten staan, maar juist een ingetogen beeld, met veel expressie en emotie.
#009: Speciaal voor vandaag: Beatrix! Deze overbekende postzegel is ontworpen door de kunstenaar Peter Struycken in 1980, het jaar dat Beatrix koningin werd (op 30 april!). Peter Struycken is normaliter vooral abstract kunstenaar, en werkt vooral met de computer, die hij in 1969 al gebruikte om een kunstwerk te maken. Hierbij zocht hij naar bepaalde visuele structuren waarmee hij kon werken. Een terugkerend thema in zijn werk zijn kleurpatronen en verlichting, zo heeft hij onder andere het plafond van het Muziektheater te Amsterdam en de arcade van het Nederlands Architectuurinstituut te Rotterdam verlicht met computergestuurde lichten. Ook in de door hem ontworpen postzegel zit een structuur zoals hij die al in 1969 met de computer zocht: in dit geval zit die structuur in de vele stipjes die het gezicht van onze koningin vormen.
#010: Even een lesje over hoe het Gooi is ontstaan. In de 19e eeuw begon Nederland flink te industrialiseren. Veel kunstenaars vonden dat maar niks, want de Nederland had nog een flinke zweem Romantiek in zich (hee, daar moet ik ook eens iets over schrijven). De Romanticus wilde de Natuur in. Het Gooi, toen nog onbebouwd gebied, werd volgegooid met namaak-rustieke boerderijen en villa’s die goed in de omgeving zouden passen. Dit werd zo populair dat ironisch genoeg in no time het Gooi ook geïndustrialiseerd werd. Hier een werk van Jozef Israëls, een van de belangrijkste kunstenaars van de Haagse School (1860-1900). Ook hij werkte nog met een flink Romantische insteek. Hij ging niet naar het Gooi maar naar de kust, en schilderde daar hele ‘gewone’ (lees: arme) mensen. De Haagse School was zo’n populaire stroming dat veel mensen de Rust gingen opzoeken aan het strand. Zo ontstonden de grote commerciële badplaatsen als Zandvoort en Scheveningen, die we nu nog hebben.


Plaats een reactie