In de Verenigde Staten is regelmatig ophef rond het thema ‘naakt’. Op dit moment is er een enorme vete gaande tussen Sinead O’Connor en Miley Cyrus, omdat Sinead bang is dat Miley zichzelf laat exploiteren tot er niets meer van haar integriteit over is. Miley heeft geen boodschap aan deze waarschuwing: zij zit rustig in haar blootje op een sloopkogel in de videoclip voor Wrecking Ball, en heeft daar totaal geen problemen mee. En waarom zou ze ook? Ik als Nederlandse moet zeggen dat ik niet echt gechoqueerd ben van het zien van haar blote lichaam in een videoclip.
Maar zijn wij als Nederlanders echt zo makkelijk ten opzichte van blote lichamen? Het Nederlands Film Festival had dit jaar als hoofdthema ‘Naakt’, waarin zowel films getoond werden over bloot, als films waarin diepe emoties ‘blootgelegd’ worden. Festivaldirecteur Willemien van Aalst geeft aan: “Het thema ‘Naakt’ werkt als een tierelier”. Dat de interesse voor naakt er is, is dus wel duidelijk. Toch durf ik te stellen dat wij Nederlanders niet zo open zijn ten opzichte van blootheid als we graag zouden willen.
Opvallend in interviews met filmmakers en acteurs rond het festival, was dat vaak werd gesproken over ‘functioneel naakt’. Regisseur Jean Van de Velde, van openingsfilm Hoe duur was de suiker, geeft bijvoorbeeld nadrukkelijk aan gebruik te hebben gemaakt van functioneel naakt: “Slaven en slavinnen liepen van boven bloot, dat was in 1750 de klederdracht”. Waarom is dit zo belangrijk om aan te geven? Moet naaktheid functioneel zijn om gerechtvaardigd te worden? En zo ja: welke functie mag naakt dan hebben? Is schoonheid een functie? De Britse ‘Broadcasting Code’ geeft aan dat naakt vóór kindertjesbedtijd alleen op de buis gerechtvaardigd is als het in de context past. Wat nou als seks de context is?

Een duik in de literatuur maakt al snel duidelijk dat ‘functioneel naakt’ geen officiële term is. Ik kan geen wetenschappers of filosofen vinden die hier een duidelijke uiteenzetting over hebben geschreven. Je komt al snel uit op literatuur over schoonheid, of – en hier raken we de kern van het dilemma –pornografie. Want laten we eerlijk zijn: de term ‘functioneel naakt’ is ingevoerd om porno buiten de deur te houden. Roger Scruton doet bijvoorbeeld in Beauty: A Very Short Introduction (Oxford, 2011) erg zijn best om erotiek en porno van elkaar te onderscheiden. Waar erotiek nog kunstzinnig is, is porno dit niet meer. Het verschil zit hem hierin: pornografie is bedoeld om lust op te wekken bij de kijker, terwijl erotische kunst lustgevoelens van de geportretteerden laat zien, waarbij het soms kan zijn dat de kijker ook deze gevoelens overneemt, maar dat hoeft dus niet.
Mooi. We hebben een onderscheid. Maar in de praktijk is dit moeilijker vast te stellen dan Scruton het doet lijken. Op het filmfestival was bijvoorbeeld als ode aan de vorig jaar overleden Sylvia Kristel de film Emmanuelle (1974) te zien. Kort gezegd is de hoofdpersoon, Emmanuelle, op zoek naar haar seksualiteit, en ze zoekt daarbij een mentor. Bij het bijhouden van de seksscènes ben ik de tel kwijtgeraakt. Omdat het verhaal gaat over haar seksualiteit, zou je dit volgens Scruton moeten zien als een erotische film. Maar is zo’n film vol wazige lensjes, opzwepende Franse muziek en naakte lichamen niet ook bedoeld om lustgevoelens bij de kijker op te wekken? De film wordt niet voor niets gekenmerkt als ‘softporno’. Erotisch, misschien zelfs pornografisch, maar omdat het verhaal door het naakt wordt ondersteund kan je in elk geval zeggen dat het naakt functioneel is.

Hetzelfde geldt voor de (totaal andere) film Spetters (1980) van Paul Verhoeven, waarin naakt en seks, zoals in wel meer Verhoeven films, je haast om de oren vliegen. We zien drie jonge mannen die goede sier proberen te maken bij de aantrekkelijke meid van de frietkraam (Renée Soutendijk). Wie de langste heeft mag het als eerste proberen. Een concept dat veel naakt ‘rechtvaardigt’, waardoor dus al het naakt in de film ook logischerwijs functioneel is.
Misschien loop ik te hard van stapel. Misschien is mijn idee van functionaliteit zo ruim dat alles erbinnen valt. Maar bij gebrek aan een definitie kan ik ook wel heel makkelijk alle kanten op. Ik denk zelf eigenlijk dat de vraag hierboven omgekeerd moet worden. Is het niet zo dat we naakt ‘functioneel’ noemen om ermee weg te komen? Noemen we het niet functioneel zodat de rechtvaardiging gewaarborgd blijft? Als dat zo is, dan zijn wij als Nederlanders toch niet zo geëmancipeerd als het gaat om naakt. Het geeft aan dat we, ondanks de seksuele revolutie van de jaren zeventig, nog steeds krampachtig doen over bloot, omdat we bang zijn dat onze film, ons kunstwerk of onze videoclip anders zal worden weggezet als porno. Of dat iets verkeerds is weet ik niet. Misschien houdt die krampachtigheid ons juist wel scherp, en blijven we daardoor op het randje van het toelaatbare balanceren, provoceren en goede kunst maken.
Blote filmklassiekers:
Blue Movie (Wim Verstappen, 1970)
Turks Fruit (Paul Verhoeven, 1973)
Spetters (Paul Verhoeven, 1980)
Emmanuelle (Just Jaeckin 1974)
Schatjes (Ruud van Hemert, 1984)
Sextet (Eddy Terstall, 2007)
Zomerhitte (Monique van der Ven, 2008)
Dit artikel is op 8 oktober 2013 verschenen op Online Galerij.


Plaats een reactie